
Wijzigingswet Wet op het primair onderwijs en Wet medezeggenschap onderwijs 1992 (buitenschoolse opvang)
Artikel IIa
Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zendt twee jaar na de inwerkingtreding van deze wet, en vervolgens telkens na twee jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.